:42:03
Smakelijk eten.
:42:07
Je was geweldig.
:42:18
Cameron, jij dacht dat we geen lol
zouden hebben. Schaam je.
:42:29
Misschien valt Ferris mee.
:42:34
Ik heb een auto gekregen,
hij 'n computer.
:42:38
Maar waarom mag hij doen wat
hij maar wil, wanneer hij maar wil ?
:42:45
Waarom lukt alles hem ?
Wat maakt hem zo bijzonder ?
:42:51
Hij kan doodvallen.
:42:53
Ik dacht vroeger dat alleen
mijn familie gek was.
:42:57
Ik maakte me zorgen. Toen zag
ik hoe 't bij Cameron toeging.
:43:02
Die zijn echt getikt.
:43:05
Daarom is hij ook altijd ziek.
:43:09
Hij voelt zich beter als hij ziek is.
:43:13
Als ik daar moest wonen,
zou ik ook ziek willen zijn.
:43:18
Het is net een museum. Mooi en kil.
Je mag nergens aankomen.
:43:26
Stel je voor hoe 't daar voor
Cameron als baby is geweest.
:43:32
Het verbaasde me dat ik de auto
de garage uit kreeg.
:43:36
Ik heb hem wel eens betrapt
op een ritje.
:43:39
Zo leert hij met z'n angst omgaan.
:43:44
Bovendien vind ik 't heerlijk
om erin te rijden.
:43:49
Een uitgelezen wagen. Als je 't kunt
betalen, zou ik er zeker een kopen.
:43:56
Bedankt. Een pepermuntje.