:09:01
Oh, God ! Ja ! Ohh !
:09:05
Oh, kom met me.
Kom met me. Ben je klaar ?
:09:08
- Bijna.
- Oh, ja ! Oh ja !
:09:10
Oh, ja ! Oh !
:09:16
- Waar kijk je naar/
- Niets. Niets.
:09:20
- Ik ben... Uh
:09:26
Ben je hier ?
Dichtbij. Ik ben dichtbij.
:09:30
Unh ! Oh ! Oh, God !
:09:34
- Klaar ?
- Nu ?
:09:36
Nu ! Oh !
:10:01
Wat was dat verdomme ?
:10:05
Wat ?
:10:06
- Ben je gekomen ?
- Ja.
:10:09
Nee, ben je niet.
Je deed alsof.
:10:11
Nee, nee, nee. Mannen doen niet alsof.
Ik geloof niet eens dat we dat kunnen.
:10:15
- Je deed alsof.
- Hé.
:10:24
Laten we gaan !
:10:25
- Laat me eens zien.
- Laat me wat zien ?
:10:29
Je weet wel. Het spul.
:10:32
Dit is belachelijk.
:10:34
Wat verberg je ?
:10:36
Niets. Geeft me een minuutje, ja ?
:10:45
- Wacht effe.
:10:50
Hier heb je het. Gebruik maar iets.
:10:53
- Wat gebeurt er ?
- Ik heb iets nodig.
:10:56
Iets dat op zaad lijkt, Oké ?
:10:59
Iets dat op zaad lijkt ?