The Trouble with Harry
vorige.
weergeven.
als.
volgende.

:33:04
Zo belangrijk was het dus niet.
:33:08
Als ik terugkom,
weet u het misschien weer.

:33:13
Mooi en nog attent ook.
:33:19
Wat heb je daar? Een konijn?
-Een dooie. En u?

:33:24
Ik heb een kikkertje.
:33:30
Kijk maar.
-Hij heeft honger en mist z'n moeder.

:33:39
Ruilen?
-Van moeder?

:33:42
Mijn konijn voor uw kikker.
-Goed.

:33:47
U boft maar.
Dooie konijnen eten niks.

:33:51
Geef maar. Nu eerst limonade.
:34:01
Vier konijnenpootjes en toch dood.
Een klavertjevier is veel beter.

:34:08
En een hoefijzer.
:34:10
Hoe worden konijnen geboren?
-Net als olifanten.

:34:15
Waarom bent u nooit eerder geweest?
-Ik wist niet hoe mooi je moeder was.

:34:21
M'n katapult is nog veel mooier.
:34:26
Morgen dan maar.
-Wanneer is dat?

:34:29
De dag na vandaag.
-Dat is gisteren. Vandaag is morgen.

:34:33
Dat was het.
-Wanneer was morgen gisteren?

:34:38
Vandaag.
-Gisteren dus.

:34:41
Arnie heeft z'n eigen idee van tijd.
:34:51
Limonade?
-Heb ik al gepikt.

:34:54
Je had het kunnen vragen.
-Pikken is leuker.

:34:58
Mag ik uw konijn lenen?
-Natuurlijk. Waarvoor?


vorige.
volgende.