The Trouble with Harry
vorige.
weergeven.
als.
volgende.

:39:05
Ik ben een en al oor.
:39:08
Nog een beetje limonade?
-Zo.

:39:14
Waar was ik?
-In het maanlicht.

:39:17
Je had je in de stemming gebracht.
:39:20
Heb ik dat allemaal gezegd?
-Wanneer komt Harry binnen?

:39:26
Hij kwam helemaal niet.
Hij belde de volgende ochtend op.

:39:33
Hij had de avond daarvoor
z'n horoscoop gelezen.

:39:37
Slecht?
:39:39
Hij was een Stier.
:39:41
Er stond: Begin niet aan iets nieuws.
Het komt nooit af.

:39:46
En toen?
:39:48
Ik ben toen naar m'n moeder gegaan.
Einde huwelijk.

:39:53
Wat een aangrijpend verhaal.
-U bent de enige die het begrijpt.

:39:58
Zelfs je moeder niet?
-Die wou me terugsturen.

:40:03
Hij wou ook dat ik terugkwam,
maar ik niet.

:40:06
Stel dat ik hem vroeg
om me te helpen bij de afwas...

:40:12
maar het stond niet in de sterren?
-Gelijk heb je.

:40:15
Er zijn dingen die ik liever niet
alleen doe.

:40:19
Dat kan niemand je kwalijk nemen.
:40:24
Toen Arnie geboren was, ging ik weg.
Ik heb m'n naam veranderd.

:40:30
Maar hij liet je niet met rust.
:40:34
Er werd vanochtend geklopt.
Ik wist meteen dat hij het was.

:40:39
Wat wou hij?
-Mij, omdat ik z'n vrouw was.

:40:44
Hij zei dat hij een plotselinge
behoefte voelde. Eenzaamheid.

:40:49
Hoe reageerde je?
-Heeft u z'n snor en z'n haar gezien?

:40:54
Toen was hij al dood.
:40:56
Levend zag hij er net zo uit,
alleen verticaal.

:40:59
Wat zei je tegen hem?

vorige.
volgende.