:40:03
Hij wou ook dat ik terugkwam,
maar ik niet.
:40:06
Stel dat ik hem vroeg
om me te helpen bij de afwas...
:40:12
maar het stond niet in de sterren?
-Gelijk heb je.
:40:15
Er zijn dingen die ik liever niet
alleen doe.
:40:19
Dat kan niemand je kwalijk nemen.
:40:24
Toen Arnie geboren was, ging ik weg.
Ik heb m'n naam veranderd.
:40:30
Maar hij liet je niet met rust.
:40:34
Er werd vanochtend geklopt.
Ik wist meteen dat hij het was.
:40:39
Wat wou hij?
-Mij, omdat ik z'n vrouw was.
:40:44
Hij zei dat hij een plotselinge
behoefte voelde. Eenzaamheid.
:40:49
Hoe reageerde je?
-Heeft u z'n snor en z'n haar gezien?
:40:54
Toen was hij al dood.
:40:56
Levend zag hij er net zo uit,
alleen verticaal.
:40:59
Wat zei je tegen hem?
:41:02
Niks. Ik heb hem suf geslagen
met een melkfles.
:41:06
Suf?
-Duizelig, dizzy.
:41:10
Hij strompelde 't bos in om z'n vrouw
te zoeken, al werd het zijn dood.
:41:15
En ja hoor.
:41:20
Nog een beetje limonade?