Airplane!
vorige.
weergeven.
als.
volgende.

:39:00
Kunt u niet schatten ?
- Over twee uur misschien.

:39:05
Kunt u over twee uur pas schatten ?
:39:08
Dan kan ik pas landen.
Door de mist zit alles dicht.

:39:12
We moeten door Chicago.
:39:49
Hoe kan dit, dokter ?
- Geen idee.

:39:52
Dat heb ik sinds Anita Bryant
niet meegemaakt. Wat was er te eten ?

:39:58
We konden kiezen. Vlees of vis.
:40:01
O, ja, ik had Lasagne.
:40:04
Wat had hij ?
- Vis.

:40:06
Nog twee zieken.
Men maakt zich zorgen.

:40:11
Laat mij maar.
:40:13
Onderzoek
wat de zieken hebben gegeten.

:40:16
Hier spreekt de gezagvoerder.
Het zware weer is zo voorbij.

:40:22
We vliegen nu boven de Hooverdam.
:40:25
Straks zitten we ten zuiden
van de Grand Canyon.

:40:29
Geniet u maar van de vlucht.
:40:33
Vlucht 2-0-9. We hebben problemen.
:40:38
Al het verkeer onder ons moet wijken
en ik wil voorrang in Chicago.

:40:48
Mijn man is heel ziek.
Kunt u iets doen ?

:40:52
De dokter komt zo bij u.
:40:55
Wat heeft hij gegeten ?
We hadden allebei vis. Hoezo ?


vorige.
volgende.