:49:02
Ja, hoor. We zouden net weggaan.
- Mogen we binnenkomen ?
:49:07
Natuurlijk.
:49:18
Bent u de man des huizes ?
:49:21
We zijn net verloofd.
- Gefeliciteerd.
:49:26
We zouden net
naar de Grand Canyon gaan.
:49:29
Ga jij alvast je spullen halen ?
:49:34
Ik ben zo terug.
:49:39
Wie van u
heeft het alarmnummer gebeld ?
:49:51
Het spijt me.
:49:54
Ik wou inlichtingen bellen, maar
belde per ongeluk het alarmnummer.
:50:01
We weten genoeg. We gaan weer.
- Wij gaan er ook vandoor.
:50:09
Zal ik die tas voor u dragen ?
:50:13
Als u 't niet erg vindt.
Er zitten allemaal boeken in.
:50:20
We komen er aan.