Strangers on a Train
vorige.
weergeven.
als.
volgende.

1:00:02
Ze leek wel wat op Barbara, hé ?
1:00:09
Hoe heb je hem zover gekregen ?
1:00:12
Ik hem zover gekregen ?
- Hij heeft Miriam vermoord, hé ?

1:00:19
Dat is toch zo ?
1:00:22
Ja. Hij is geschift. Ik ontmoette
hem in de trein naar Metcalf.

1:00:27
Hij wilde van moord ruilen.
Ik zijn moord, hij de mijne.

1:00:31
Wat bedoel je met 'jouw moord' ?
- Hij had over me gelezen.

1:00:35
Hij wist van Miriam en jou. Hij zou
haar doden als ik z'n vader ombracht.

1:00:42
Dat was toch maar scherts ?
- Niet dus. Ik dacht er niet meer aan.

1:00:47
En nu wil een gek
dat ik z'n vader ombreng.

1:00:51
Het is gewoon te bizar.
- Vind je ook niet ?

1:00:56
Wist je het dan aldoor al van Miriam ?
1:00:59
Vanaf de eerste avond.
Hij gaf me haar bril.

1:01:03
Waarom belde je de politie niet ?
- Die zouden zeggen wat jij zei.

1:01:07
'Mr. Haines, hoe kreeg u hem zover ?'
1:01:10
Bruno zou zeggen dat we het
samen hadden beraamd.

1:01:17
Wat moeten we nou doen ?
- Ik weet het niet.

1:01:21
Laten we naar binnen gaan.
Hennessy kijkt naar ons.

1:01:25
Daarom wilde ik je erbuiten houden.
1:01:28
Ik wilde jullie beschermen.
Barbara en je vader.

1:01:32
Nu gedraag jij je ook al schuldig.
1:01:37
Als we nou met vader zouden praten...
- Ik wil hier niemand mee opzadelen.

1:01:44
Kom, we gaan.
1:01:51
Hallo, Hammond.
1:01:55
Wat is er ? Je kijkt bezorgd.
- Er is iets vreemds aan de hand.


vorige.
volgende.