Cleopatra
vorige.
weergeven.
als.
volgende.

:40:05
Hoe durven jullie barbaren mijn
bibliotheek in brand te steken?

:40:10
Speelt u maar de grote overwinnaar.
:40:13
Verkracht en vermoord
maar miljoenen mensen.

:40:18
Maar u hebt niet het recht om één
menselijke gedachte te vernietigen.

:40:24
Zo is het wel genoeg.
Laat me met haar alleen.

:40:30
Ik zal jullie dadelijk
laten terugroepen.

:40:38
Zwaarden? Speren? Of gaat u
mij ook in brand steken?

:40:43
Het wordt tijd
dat wij elkaar begrijpen.

:40:47
Wat ik in uw ogen ook mag zijn,
in de eerste plaats ben ik Caesar.

:40:50
En ik ben Cleopatra,
koningin, dochter van Isis.

:40:53
Ik ben degene die uitmaakt
wat u bent. . .

:40:59
en u bent niets meer dan dat.
-Heil, Caesar.

:41:03
U stamt af van generaties
van incestueuze geesteszieken.

:41:09
Hoe durft u iemand
een barbaar te noemen?

:41:12
Dochter van een dronkaard die
de troon van Egypte gekocht heeft.

:41:17
Uw prijs was te hoog, weet u nog wel?
-Ik heb genoeg van uw pretenties.

:41:21
Ik denk alleen aan de toekomst.
-U moet doen wat ik zeg.

:41:25
Meent u dat letterlijk? Alsof ik
iemand ben die door u veroverd is?

:41:30
Als ik besluit u
als zodanig te beschouwen.

:41:34
Moet ik daaruit afleiden dat u
met me kunt doen wat u wilt?

:41:40
Zo moet u dat inderdaad zien.
:41:47
Wees zo goed uw lauwerkrans
op te zetten.

:41:50
Dan weet ik dat het de goddelijke
Caesar is die me zo'n eer aandoet.

:41:54
U praat te veel.
:41:59
Neemt u van mij aan
dat het u zo niet zal bevallen.


vorige.
volgende.