Cleopatra
vorige.
weergeven.
als.
volgende.

:12:02
En nu wil ik dat jullie
doen wat ik zeg.

:12:06
Jullie stellen me aan
als keizer van Rome.

:12:15
U hoeft niet weer te gaan zitten.
:12:19
Mag ik u namens ons allen
bedanken voor uw gastvrijheid.

:12:25
Goedenavond.
:12:30
Dank u en goedenacht.
:12:41
Het bevalt ze niet dat ze hier moeten
komen in plaats van naar de senaat.

:12:46
Werkelijk?
:12:49
Ik begrijp niet waarom de ogen van 'n
standbeeld altijd zo levenloos zijn.

:13:01
Het bevalt ze niet dat je
zo met me te koop loopt.

:13:06
Dat zullen ze aangrijpen om je
te onthouden wat al van jou is.

:13:10
Dat wat m'n goddelijke
recht is, nietwaar?

:13:15
Inderdaad.
-Mijn goddelijke recht.

:13:22
Daar zullen we de senaat
eens over laten delibereren.

:13:35
Weet u zeker wat u eigenlijk
zo graag wilt hebben?

:13:40
Dat heb ik altijd zeker geweten.
-En Caesar?

:13:45
Niemand spreekt toch voor hem?

vorige.
volgende.